Europese overnamegolf op komst na corona

De wereldwijde coronacrisis, en de rechtstreekse economische gevolgen hiervan, heeft ervoor gezorgd dat ondernemers vaker nadenken over de aan- of verkoop van het bedrijf. Liefst 73% van de Belgische ondernemers overweegt een andere onderneming te kopen. Daar tegenover staat dat 78% van de ondernemers overweegt het eigen bedrijf te verkopen, daar waar dat een jaar eerder nog maar 49% was. Marktlink Fusies & Overnames trekt deze en andere conclusies aan de hand van de jaarlijkse Marktlink Bedrijfsovernamemonitor, die voor het achtste jaar op rij wordt gepubliceerd en waar dit jaar ook cijfers uit Nederland, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Zweden en Denemarken in meegenomen zijn

Met 73% moet het aantal Belgische ondernemers dat overweegt een bedrijf over te nemen enkel de Duitse (77%) en Deense ondernemers (76%) laten voorgaan. De koopmarkt wordt in België met een rapportcijfer van 7,1 gewaardeerd, waarbij de Duitsers met een 7,9 het meest optimistisch zijn.

Gemeten over alle onderzochte landen denkt 86% van de Europese ondernemers binnen tien jaar het bedrijf te verkopen. Het percentage Belgische ondernemers dat verwacht het eigen bedrijf binnen nu en tien jaar te verkopen zit daar met 78% net onder, maar blijft wel onverminderd hoog. In 2021 – na meer dan anderhalf jaar coronapandemie – geeft 47% van de Belgische ondernemersaan meer te zijn gaan nadenken over de verkoop van hun onderneming. Een jaar eerder – na goed zes maanden corona – was dat nog maar 15%. Vandaag geeft ook 9% van de Belgische respondenten aan de afgelopen twaalf maanden zijn onderneming te hebben verkocht, merkelijk meer dan in de andere landen.

Stel direct uw vraag

Neem contact op

Verzakelijking in Belgische overnamemarkt

Van de koopgegadigden is een ander bedrijf of een investeringsmaatschappij dan ook het meest lucratief, becijfert het onderzoek. “In de Belgische overnamemarkt is sprake van een verzakelijking,” aldus Filip Mariën, partner bij Marktlink in België . “Familieoverdracht blijkt dan toch vaak een romantisch sprookje. Hoe dichterbij de verkoop komt, des te kleiner de kans dat de kinderen de zaak overnemen. De verkoper kijkt bij de koperselectie naar de beste klik en wat het meest oplevert.” Nog slechts 35% van de Belgische ondernemers acht het waarschijnlijk de onderneming over te laten aan een familielid, wat wel nog net meer is dan het Europese gemiddelde van 33%.

Zegt Filip Mariën: “De verzakelijking blijkt ook dat circa 80% van de ondernemers graag een deel van de waarde van het bedrijf uit de risicosfeer willen halen. De goed gevulde zakken van private equity fondsen sluiten hier perfect bij aan, wij verwachten dan ook dat overnamegolf en verzakelijking van de markt pas net op gang zijn gekomen en zeker het hoogtepunt nog niet bereikt hebben.”

Gevolgen coronacrisis goed merkbaar in België

Paneuropees geeft ‘slechts’ 25% van de bedrijven aan ten gevolge van de coronacrisis een omzetkrimp te hebben gehad van meer dan 10%; opvallend is dat 30% van de bedrijven aangeeft juist gegroeid te zijn in omzet vorig jaar. De grootste ravage lijkt corona aangericht te hebben in Denemarken en Duitsland. Die landen lijken tijdens de coronacrisis de meeste omzet verloren te hebben (56% van de bedrijven in Duitsland, 66% van de bedrijven in Denemarken). Europa krabbelt langzaam recht, nadat maatregelen om de pandemie te bestrijden de economie deels hadden platgelegd. Vorig jaar gaf 46% aan dat het geen goede tijd was om te verkopen, maar dat vertrouwen lijkt nu hersteld. Inmiddels is weer 60% ervan overtuigd dat het nu wel een goed moment is de onderneming te verkopen. Alleen in Engeland zijn ze sceptischer (51%). Het Europese rapportcijfer om het bedrijf nu te verkopen is 6,8. In Duitsland is men het meest optimistisch met een 7,6.

In België lijken de naweeën van de coronacrisis ook hoog te blijven. Liefst 47% geeft aan door de pandemie te zijn gaan nadenken over een verkoop, een verdrievoudiging tegenover een jaar eerder. Van alle onderzochte landen hebben de Belgen, met 46%, ook het minst vertrouwen in dat de waarde van hun bedrijf de komende jaren zal toenemen. Maar: dat is wel een stijging van 10% ten opzichte van vorig jaar, dus mogelijk groeit het zelfvertrouwen in België gewoon wat trager. De Britten daarentegen hebben met 69% het grootste geloof in een goede waardering voor de eigen onderneming.

Goed nieuws is er voor het werk van de verschillende overheden want 70% van de ondernemers geeft hun overheid een voldoende voor het gevoerde Coronabeleid. De Belgische en Duitse ondernemers zijn het meest tevreden over hoe hun regering het land met maatregelen door de coronacrisis heeft geleid. De Belgen waarderen de regeringsmaatregelen met een 7,2, de op één na hoogste score na Duitsland. Opvallend is dat de Zweden het minst happy zijn met de coronamaatregelen in hun land. De regering aldaar scoort een 5,9.

Meer internationale overnames

Het overgrote deel van de Europese ondernemers verwacht een stijging in internationale overnames de komende tien jaar. Van deze groep verwacht 40% dat de overnamegolf voornamelijk tussen Europese bedrijven onderling plaatsvindt, terwijl 12% denkt dat Amerikaanse bedrijven zich zullen oriënteren op de Europese markt. Ondernemers uit Engeland, Nederland en België verwachten dan weer dat meer Aziatische bedrijven de komende periode in Europa aan de deur zullen kloppen.

In Europa zijn de Duitsers het meest geïnteresseerd in de aankoop of verkoop van een bedrijf buiten de eigen landgrenzen (65% is geïnteresseerd een buitenlands bedrijf aan te kopen; 60% is geïnteresseerd zijn bedrijf naar het buitenland te verkopen). In België geeft ook 50% geïnteresseerd te zijn in de acquisitie van een buitenlands bedrijf, maar is ook 36% – het hoogst in Europa – zeker niet bereid zijn bedrijf aan een buitenlandse koper over te laten. Wat afschrikt is dat men vindt dat de regelgeving in het buitenland te verschillend is van die in België (23%) en ook dat de lokale markt nog genoeg marge voor groei heeft (17%).

“Toch lijken de ondernemers de discussie over ‘meer of minder Europa’ achter zich gelaten te hebben,” duidt Filip Mariën. “Jaar na jaar zien we een forse groei in internationale deal-activiteit. Lokale expertise is daarbij onontbeerlijk en zeer belangrijk ten aanzien van taal en culturele verschillen, maar ook binnen Europa op het gebied van de verschillen in wet- en regelgeving. Alleen door het gelijktrekken van wet- en regelgeving op pan-Europees niveau kunnen we in Europa stappen maken. Tot het zover is laten ondernemers en private equity partijen zich niet tegenhouden, maar meer harmonisatie zou wel leiden tot een versnelling.”